Thuis? (vervolg)

Ongeveer de helft van m’n leven voelde ik me thuis bij m’n ouders. Dat gevoel duurde dus nog best erg lang, eigenlijk. Ik denk dat ik het pas een paar jaar geleden kwijtgeraakt. Dat is niet erg, dat hoort zo.

Als ik nu bij m’n ouders langs ga, ben ik er toch een beetje op bezoek. Hun huis ruikt anders dan het mijne en er loopt een hond rond die ik niet goed ken. Alle meubels zijn anders en de keuken is nieuw, waardoor ik er nog geen lepeltje kan vinden. Ik snap niet hoe hun afstandsbediening werkt.

De straat is ook niet meer ‘van mij’. Bijna alle oude buren zijn verhuisd en de bomen zijn enorm groot geworden. Kinderen op straat herken ik niet. Mijn oude schooltje is gerenoveerd en veel mooier geworden. Ik hoor de A15 veel beter dan eerst. Het vroegere trapveldje is nu een natuurspeeltuin.

Het huis dat ooit bewoond werd door Ome Bob en Tante Reinie wordt al een paar jaar verhuurd aan Roemeense arbeidsmigranten in wisselende samenstellingen. Uit de tuin klinkt sindsdien in de weekends non-stop Balkanrock en dronken geschreeuw. Ik vind dat niet leuk voor mijn ouders.

Dus ook al wonen je ouders al 45 jaar in hetzelfde huis, niets blijft hetzelfde.

Ikzelf ga de ’45 jaar in hetzelfde huis’ niet meer halen, vermoed ik.

 

 

 

 

 

 

 

Een heel nieuw leven

We wonen opeens in Zwolle. Nou ja, okee, niet helemaal zomaar vanuit het niets natuurlijk, want we hebben gewoon een huis gekocht en alles. Maar 3,5 maand geleden hebben we de Randstad verruild voor een ander leven in het oosten van het land.

En ik had daar dusdanig veel stress van dat ik geen zin of tijd had om er een blog over te schrijven. Nu wel. The dust has settled, zeg maar.

Half mei gingen we over, in een bizarre week.

Op maandag had ik mijn laatste werkdag bij RTV Rijnmond. Na 14 jaar vond ik het welletjes en stopte ik daar. Ik kreeg een speech en heel veel kadootjes en een huilbui van jewelste.

Op dinsdag kwamen de verhuizers alles inpakken en inladen en sliepen wij bij m’n schoonouders.

Op woensdag gingen we ’s ochtends naar de notaris en toen we de sleutel hadden kwam de verhuiswagen er aan. De rest van de dag hebben we alles uitgeladen en ingericht, zo goed en zo kwaad als dat ging.

Op donderdag gingen we weer naar de notaris, dit keer een andere, om de sleutels over te dragen aan de nieuwe eigenaren van ons ‘oude’ huis.

Op vrijdag was ik dood.

Ik was natuurlijk niet echt overleden, maar heel erg lekker in m’n vel zat ik ook niet, hahaha. Ik heb eigenlijk geen idee meer wat we nou precies gedaan hebben die dag. Ik vermoed dat ik veel tijd heb besteed aan het zoeken naar van alles en nog wat. In welke doos zaten ook al weer de glazen?

Ik had mezelf twee weken vrij gegund. Begin juni stapte ik binnen bij mijn nieuwe werkgevers: RTV Drenthe en RTV Oost. Bij Sky Radio werkte ik gelukkig al eerder, dat was een baken van herkenbaarheid in de grote chaos die ik ondervond. Want ALLES was nieuw. Nieuw huis, nieuwe buren, nieuwe stad, nieuw werk, nieuwe systemen, nieuwe school voor die kleine, nieuwe kinderopvang voor die kleinere kleine. Op een gegeven moment voelde alleen mijn auto nog vertrouwd. Kun je nagaan, hahaha!

Al dat nieuwe gedoe was soms nogal verwarrend (de telefoon opnemen bij Radio Drenthe met “Radio Oost, met Chantal”) maar op de één of andere manier ook wel lekker. Ik was -op z’n Rotterdams gezegd- totaal uit m’n leven gepleurd. En het is HEERLIJK.

De hele zomervakantie werkte ik door, het waren hoogtijdagen voor mij als freelance-presentator. Ondertussen gingen we -onder het mom van inburgeren- vaak uit eten in de binnenstad van Zwolle, als de meiden uit logeren waren.

En het voelde helemaal niet alsof ik een vakantie miste. Vakantie is voor loonslaven, voor mensen die dag in, dag uit hetzelfde doen en balen van hun rooster of van hun baas of hun collega’s. Maar kijk naar mij! Ik werk de ene dag hier, en de andere dag daar.

Ik kom elke dag nieuwe mensen tegen en hoef niet naar ellenlange vergaderingen om plannen te maken waar toch nooit iets van terecht komt. Ik doe m’n ding en ga naar huis. En iedereen is blij- vooral ik! Veel meer vrije tijd, de kans om mijn week naar eigen inzicht in te delen. Ik heb een accountant die Dennis heet en vier ‘vaste’ opdrachtgevers. Sleur? Dat ken ik niet meer.

Verder helpt het heel erg dat de rest van het gezin het hier in Zwolle ook fijn vindt. Merel is net 7 geworden en heeft allemaal leuke vriendinnen in de straat. Miaatje heeft een buurmeisje van dezelfde leeftijd waar ze graag mee speelt. We hebben een trampoline in de tuin waar ze elke dag op springen. Biem komt allemaal oude vrienden en kennissen tegen en voelt zich helemaal thuis.

In het nieuwe huis is een enorme speelzolder waar de kinderen lekker hun gang kunnen gaan. De straat is veel groener dan we gewend waren. Er zitten veel meer vogels in de tuin. Mussen en koolmezen, die we vetmesten met speciale vogelpindakaas. Ik heb een moestuin geregeld op een spectaculair mooie plek. Ik heb een sleutel van het huis van de buren. De Zwollenaren zijn heel vriendelijk. De sfeer is gemoedelijk. Ik sta nooit meer in de file.

Blij mee. Met alles.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Regenachtige gedachten & woonbladen

Het is weekend en het regent al twee dagen. Ik vind daar iets van. IK VERVEEL ME EEN ONGELUK!

We zitten maar te hangen met z’n allen en dat is best wel gezellig maar op een gegeven moment krijg ik vreselijk de kriebels. Ik moet iets dóen! Iets leuks!

Ja, stomme klusjes, die zijn er zat. De boel opruimen, de badkamer schoonmaken, de bergen vuile was wegwerken. Maar dat wil ik allemaal niet natuurlijk.

Kijk, ik dóe het (want ik ben een goede huisvrouw *kuch*), maar het gaat allemaal niet van harte. Ik werk vijf dagen in de week en als ik thuis ben wil ik me kunnen ontspannen; Gezellige dingen ondernemen met m’n gezin. En niet me in m’n eentje opsluiten in de waskamer, alwaar ik me wanhopig afvraag waarom alles ALLES ALLES in de piskreukels op het wasrek hangt.

Want strijken, dat doe ik in principe niet. Ik heb niet eens een strijkplank. Met de vorige wasmachine kwam ik daar nog goed mee weg, maar dit huidige apparaat weet de kleding dusdanig flink in elkaar te prakken dat we er tegenwoordig bij lopen alsof we onze outfits recht uit de recycle-container hebben gegraaid. (het is overigens wel een supergoed idee om kleding aan te bieden voor hergebruik, daar ben ik helemaal vóór)

Terug naar de verveling. Ze zeggen dat je van verveling ruimte krijgt in je hoofd voor nieuwe ideeën. Ik krijg vooral nieuwe maar zeer onhaalbare ideeën waar ik op het moment zelf niks mee kan.

Zo zit ik in een soort non-stop fantasiemodus, wat ons nieuwe huis betreft. En dan gaat het voornamelijk over de inrichting en de aankleding.

We hebben een zeer krap budgetje. Maar hee! Laat ik mij mentaal gezien niet door tegenhouden. Dan droom ik weg bij prachtige woonkamers op Instagram, heb ik weer peperduur behang gezien dat ik wil, of een tafel die mooi is maar ruim €1000 kost. Aaargh! (Allon Dery, bel me! Ik wil wel een dealtje met je maken haha)

En het ergste is: Ik mag nog lang niet aan de slag! Aaaaargh!

En waarom heb ik zo’n dure smaak? Aaaargh!

Ik dacht wat te kalmeren als ik wat woonbladen zou kopen. Kom ik dus thuis met de VT Wonen en de Ariadne at Home. Leuk joh, mag je allemaal succesverhalen lezen van mensen in kasten van huizen.

Marianne (50): ‘We woonden eerst in een landhuis op het platteland maar toen onze oudste op kamers ging zijn we verhuisd naar een wat kleiner appartement, in het 1e arrondissement van Parijs. We vonden daar een charmant flatje van 250 vierkante meter, zonder stromend water, met een kolonie zeldzame vleermuizen er in. We vielen als een blok voor het antieke visgraatparket en de hoge ramen. De vleermuizen heb ik laten opzetten, zij vormen nu een spectaculaire blikvanger in de badkamer. De keuken hebben we er uit gesloopt, dat was nog een oud Ikeaatje. Nu hebben we deze keuken, gemaakt van gejutte paneeldeuren en afgedankt ijzer. Helemaal de uitstraling van een abattoir! We zijn er dolblij mee. We zitten hier graag met een croissant te zwaaien naar de buurman, Emmanuel Macron‘.

Ugh. Rot op met je perfect gestylede Franse appartement. Of je rustiek gelegen cottage. Of je omgebouwde loft met industriële accenten. Of je eeuwenoude familiehuis in Zweden. In zo’n huis staat ALLES leuk, daar is geen kunst aan.

En dan die mensen die hun hele pand volstouwen met designklassiekers en her en der een oud vermolmd gymtoestel.

Want what’s up with that? Waarom heb je als volwassen man een rekstok in je kamer? Is dit een seksding waar ik niks van snap?

En er zijn ook mensen die hun huis opleuken met zo’n ouwe bok uit de gymzaal. En dan bedoel ik niet meneer Willemse, je gymleraar uit de tweede. Nee, zo’n leren geval op pootjes waar je overheen moest springen. Liters puberzweet hebben het bruine leer aangetast maar HIP DAT HET STAAT JOH.

Onbegrijpelijk.

Stomtoevallig zit ik net een film te kijken waarin een bok voorkomt!

Verder hadden we hier nog de woordverkrachting van de week te pakken met ‘hoofdkitchen’

Was gewoon ‘keuken’ niet interessant genoeg jongens? Waarom niet gekozen voor headkitchen? Of headkeuken of main food preparing area? Pfffff….

Al met al erger ik me dus meer aan die bladen dan dat ik er prachtige ideeën van krijg.

En ik verveel me nog steeds.

Ik heb nu een set borduurspullen besteld. Voor het volgende verveel-weekend.

Troepjes. Overal en altijd.

Eén van de belangrijkste gevolgen van het hebben van kinderen is dat je constant je nek breekt over allerlei troep in je huis. Kleine speelgoedjes, knutselwerkjes en frutsels verstoppen zich op geniepige wijze buiten je blikveld en manifesteren zich pas als je er -bij voorkeur met blote voeten- bovenop trapt.

Voordat ik kinderen had stapte ik nooit ergens op of in. Ik struikelde nooit. Ik stootte me niet vaak en ik had ook niet constant het gevoel dat ik een strijd moest voeren tegen troepjes. Zoals vandaag. Ik heb binnen drie minuten drie foto’s gemaakt in onze woonkamer. Kijkt u even mee?

img_7548

Als je loopt en je ene voet landt op een dvd van Bassie & Adriaan krijg je een merkwaardig glij-effect, wat in het gunstigste geval uitmondt in een soort skateboard-ervaring. In het slechtste geval lijkt je op Bassie zèlf die op een bananenschil stapt.

Dit alles bij voorkeur met een zuigeling in je armen of een dienblad vol mokken hete thee. Bij navraag weet niemand meer hoe de dvd uit zijn lade is gekomen en op de vloer is beland. Derhalve voelt niemand in het gezin zich verantwoordelijk voor het opruimen van voornoemde dvd.

img_7551

Een godsvermogen kostend tripje naar de Efteling levert niet alleen een imponerend tekort op je bankrekening op, maar ook de nodige plastic dingetjes waarvoor je zo gauw geen goede plek weet. Weggooien mag niet, op straffe van ontroostbaar huilende kindertjes, maar bewaren wil je het eigenlijk ook niet.

Zakdoekjes blijf je kopen. Tientallen pakjes per dag gaan er in de winter doorheen. De zaterdagbijlage van de krant bewaar je tegen beter weten in, want tijd om te lezen heb je toch nooit. Een foto van een Sinterklaasbijeenkomst? Leuk, maar aan daadwerkelijke foto-albums doe je al jaren niet meer, dus inplakken gaat niet. Wat dan? Waarheen met die foto? De eenhoorn-diadeem kreeg de oudste op een feestje. Elke dag wil ze hem op naar school en elke dag voer je weer dezelfde discussie; Dat het geen goed idee is om dingen mee naar school te nemen omdat ze ze kwijtraakt. Eigenlijk zou het wèl een goed idee zijn om dat ding kwijt te raken, scheelt weer het verzinnen van een opbergplek.

img_7550

De jongste kreeg in haar schoen van Sinterklaas een knuffeltje. Ze heeft er welgeteld drie keer op gekwijld en dat was het. Het oranje koffertje? Gekregen bij het lidmaatschap van de bibliotheek. De dreumes is er maar druk mee. Open, dicht. Open, dicht. Boos kijken omdat het slotje niet open gaat. Open, dicht.

We hebben letterlijk ZEVEN van dit soort koffertjes. Allemaal op andere plekken in huis. WAT MOET IK ER MEE?

Ik ga ten onder aan troepjes. Stuur de kustwacht, de milieudienst en de gemeentereiniging, want ik kan het allemaal niet meer aan. Help! Mayday! Mayday!

 

 

 

 

 

Tijd voor jezellef

Koffietijd! Een beetje gezelschap, wat tijd voor jezelf, dat helpt je de dag door. Het is …Koffietijd, voor jou en dat weet je, lekker gezellig, tijd voor jezelf! Koffie, koffie…tiiiijjjd.

KOFFIETIJD
1994-01-01 00:00:00 KOFFIETIJD Hans van Willigenburg, Mireille Bekooy Copyright Kippa

Toen deze begintune van Koffietijd nog in zwang was zong ik hem altijd vrolijk en overdreven hard mee. Nu ik zelf van middelbare leeftijd ben (41) en opeens tot de doelgroep behoor snap ik ineens wat de kern van dit lied is. Het stukje: TIJD VOOR JEZELF.

Ja lieve lezert, het concept TIJD VOOR JEZELF. Kennen we het nog? Vaag? Ja hè?

Ik zal even uitleggen wat het is, voor eventuele andere moeders die óók al jaren geen tijd voor zichzelf meer hebben. Let op en schrijf mee: Het concept TIJD VOOR JEZELF houdt in dat je een tijdvak helemaal zelf in mag delen, met dingen die jíj fijn vindt.

Dat er niemand is die je daarin stoort of je aandacht opeist. Dat je even geen billen moet afvegen/luiers moet verschonen/wassen moet draaien/ strijkwerk moet doen/kinderen moet troosten/moet werken/boodschappen moet doen/limonade moet inschenken/sokken moet stoppen (wie doet dát nog?)/in pannen moet roeren/op tijd ergens moet zijn/ enz enz enz…

Ja, ik moest het ook even opzoeken. Ik ging binnen een paar maanden van ‘redelijk wat’ tijd voor mezelf naar ‘nul’ tijd voor mezelf. De komst van de baby en de verhuizing, het einde van mijn verlof en de kleuterschool van de oudste gooiden roet in het eten. Begrijp me goed, ik houd zielsveel van de kinderen en m’n partner en mijn leven zoals het nu is. Roze wolk hoor, hiero. Ook mijn werk doe ik met het grootste plezier. Echt.

Maar godnondeju wat kan een mens het toch druk hebben. Vroeger kon ik nog wel eens een middag in de moestuin klooien zonder dat er iemand begon te roepen dat ik nu toch ècht naar huis moest komen. Heel vroeger sliep ik wel eens uit tot een uur of 11. ELF UUR! Ongelooflijk. Heel heel héél vroeger lag ik wel eens een middag op de bank met thee, boekjes, chocola en een kat op schoot en voelde ik me helemaal niet schuldig.

Want dat is het ook hè, dat vervelende stemmetje in je achterhoofd dat constant roept: ‘Moet jij eigenlijk niet de schuur uitmesten/de badkamer poetsen/de baby voeden/stofzuigen/foto’s uitzoeken/je kind van school halen/je administratie bijwerken/de kromgetrokken paprika uit de groentela weggooien/het plafond witten/de planten water geven/geld besparen/beginnen met hardlopen/de kattenbak verschonen?’

En het antwoord op al die vragen is altijd: Ja.

JA ZEURDERIG ROTSTEMMETJE IN MIJN HOOFD, DAT MOET INDERDAAD OOK NOG ALLEMAAL GEBEUREN JA!’

Zucht.

En nu is het zondagochtend. Is m’n vent werken, m’n oudste naar de speeltuin en de baby in bed. En vind ik het eindelijk: Koffietijd!

(godzijdank is het over een week herfstvakantie)

koffie
waar zijn Mireille en Hans als je ze nodig hebt?

 

 

 

 

 

 

Kraamverhalen

Een week. Het is een week geleden dat ik weeën kreeg. En zes uur later waren we een dochter rijker: Mia.

Het lijkt veel korter en tegelijkertijd lijkt het ook alsof ze er al eeuwen is. Raar is dat. We moeten allemaal nog erg aan de nieuwe situatie wennen, maar ik hoef aan Mia zelf niet te wennen. Ze hoort er al helemaal bij, wat mij betreft. Het scheelt misschien dat ik haar al negen maanden had gedragen en haar bewegingen herken.

IMG_4409

En het is ook gewoon een kwestie van instinct. Want als er íets is dat je herinnert aan het feit dat je maar een dier bent, is het wel zwanger zijn en bevallen. Dat betekent niet dat je dankzij dat instinct ook meteen een soort supermoeder bent en dat je precies weet wat die baby nou weer van je wil. Ook al is het je tweede.

Inmiddels herken ik wel de ik-heb-honger-huil: èh èh èh. En ook de ugh-ik-ben-misselijk-geluidjes. En verder de iiiiiik-ben-aan-het poepen-gezichtsuitdrukking. Het is allemaal niet heel ingewikkeld. Ik leg Mia aan zodra ze dat wil, ook al is dat voor mijn gevoel DE HELE DAG. En na het drinken gaat ze slapen. Soms urenlang, soms maar heel kort. In de tussentijd oefent ze haar gezichtsuitdrukkingen en als je dan goed oplet zie je de prachtigste lachjes voorbij glijden op dat ronde gezichtje. Maar ook grappige fronsjes en afkeurende tuitmondjes. Leuker dan tv kijken. Echt.

IMG_4353

Morgen is het ook de laatste dag dat kraamhulp Rita hier in huis is. Het is zo gek en zo heerlijk om zo iemand over de vloer te hebben! Rita was hier ook toen Merel geboren was, dus we kennen elkaar al. Wat een heerlijkheid om elke dag een schoon bed te krijgen, dat er boterhammen voor je gesmeerd worden en dat er iemand is die op je baby en je peuter let als jij omvalt van de slaap.

Als ze weg is moeten we het alleen zien te rooien. Dat kunnen we! Heus wel! Echt! Tuurlijk! Gaat goed komen!

(merk je al dat ik het een beetje spannend vind?)

Met de komst van kraamhulp Rita hebben we ook opeens allerlei huishoudelijke zaken op orde. Zo zag ik dat we nu ineens knijpers in huis hebben, een wasmand en een nieuw pak gele doekjes. Kleding werd opeens gestreken! De wc en de badkamer worden dagelijks gepoetst. Rita nam een tummytub mee en een bedsteun, zodat ik heerlijk rechtop in bed kan zitten. Geweldig!

Het is natuurlijk niet alleen maar hosanna en hallelujah in de kraamperiode. Zo voel ik me nog steeds alsof ik ben overreden door een vrachtwagen. We slapen slecht. Mijn hechtingen trekken. Een loopje naar de dichtstbijzijnde winkel voelt als een marathon. Ik heb ineens veel minder tijd voor m’n oudste en ik mis haar. Mijn geliefde noemt me Campina Quak. Het huis staat overvol met babygerelateerde spullen. Het indrogende navelstompje van de baby stinkt als een bunzing. En zo kan ik nog wel wat dingen bedenken.

IMG_4315

Terwijl ik dit tik hangt er een kindje aan m’n borst. Ze slaapt en drinkt tegelijkertijd (bril-jant!) en wil niet in haar eigen bedje slapen. Zij wil alleen maar op mij liggen. En dat mag. Want ik ben haar mama. Al een hele week.

 

 

 

 

 

 

 

Mogelijk gemaakt door WordPress.com.

Omhoog ↑